Definitie kastelen.

Het kasteel is eigenlijk een versterkt huis, deze versterking werdt bewoond door een heer (hoog van aanzien) met zijn familie en bediende en eventueel een leger die het huis kon bewaken en verdedigen zoals de vorm van de maatschappij die gold in de middeleeuwen. 

 

Een huis was versterkt als het verdedigd kon worden bij aanvallen door b.v. andere heren uit een andere streek. Het leger bestond meestal uit enkele ridders te paard en boeren uit de omgeving die onder de wapen werden geroepen, zij kregen hiervoor bescherming van de heer binnen de muren. De meeste van deze huizen waren daarop ingericht en hadden rondom 'n gracht en muren met een dikte van circa 60 centimeter, daarbinnen lagen de gebouwen. Er waren ook situaties waar een groot leger ingedeeld was. Deze huizen waren van hooggeplaatste Graven en hertogen, Deze huizen hadden muren met dikte van 1.50 meter of meer.

 

Daarnaast waren er ook huizen die bewoond werden door kleine groepen verdedigers die dan ondergeschikt waren aan een kastelein, die het hoofd van de groep was.

 

Het huis was vaak veel groter dan de  huizen van de bevolking en werden doorgaans burcht of slot genoemd en hadden vaak torens om meer zicht op de omgeving te hebben. De naam kasteel was toen nog niet bekend, dit werd later 'n verzamel naam voor al deze middeleeuwse huizen.

De Nederlandse kastelen

Ik wens u veel plezier tijdens  u bezoek aan mijn website.